Jongens.

Het is was met die puber jongens.

Sneeuw. Overal kwamen sleeΓ«n vandaan. Sneeuw schuivers. Op een gegeven moment een tuin vol. In het begin prima. Maar op een gegeven moment baalde ik van alle β€˜zooi’. Alles weg gebracht. Klaar ermee.

Nu nog een muziek box. Geen idee van wie die is. Een mooie krat in de voortuin. Zucht.

Dan leen je handschoenen uit.

Is toch. Iet normaal? Huh? Zeggen ze dan. Mijn moeder riep altijd; dat zijn jongens. Verontwaardigd je niet. Laat het los.