Vanmorgen deed ik mijn koelkast open. Ik rook niet perse een brandlucht. Maar wel een niet ok lucht. Verbrand plastic. Ik keek. De plastic fles met chili saus had een deuk…. Niet ok. Oh dear.
Toen ging ik nadenken. Ooit gehoord dat mensen een slowcooker niet aan durfen te laten als ze niet thuis zijn. Een ander zegt; die vraagt net zoveel stroom als een koelkast…. Dus de fik erin zou niet moeten kunnen.
Mijn zoon kwam naar beneden. Ruik eens, vroeg ik hem. Mam, dit is niet ok. Mmmh. Wij zitten op één lijn. Zegt hij; mam, wij hebben een spook huis. Niks is meer normaal hier. Nou ja. Dat valt ook wel mee. Afgelopen maand alleen alle stoppen eruit geslagen voor een paar dagen, een lekkage sinds de sneeuw en nu dit. Ik zei nog tegen hem; opa komt zo. Onze redder in nood. Misschien moet jij dit eens meer gaan oppakken! Jaja, hoor je dan.
Daan naar school. Mijn vader kwam nadat hij zijn ontbijt op had. Hij ruikt zelf niks. Voelde aan de lamp. Wel heet ja. Had andere lampjes mee die niet zo heet gaan worden. Ik zei nog; raak de lamp zelf niet aan. Deed hij per ongeluk toch. Een potje vloog weg, een blaar op zijn duim.
Maar ja. Dan denk je, hoe nu verder? Kan er echt brand komen in een koelkast… ik was aan het nadenken….. ineens zag ik het. Een laatje was niet goed naar binnen. Daardoor de deur teveel open. Dat lampje heeft sinds de dag ervoor/Eva haar lunch, gebrand. De augurken van Oos stonden tegen koken aan. Een fles saus dus gesmolten. Wat zo’n lampje niet aan kan richten.
Weer een wijze levenswijs dankzij mijn lieve vader.
