Daan is aan het leren en leren voor zijn examens. Hij doet echt zijn best. In de vakantie ook nog eens twee dagen bijles voor een vak. Zo te horen een aanfluiting. Maar meneer is geweest. Ik heb betaald. Daan zegt er wel iets van geleerd te hebben. Top.
Twee weken voordat de examens begonnen kwam een leer programma vrij. NOS. Meneer leert elke dag. Meer dan dit kan hij niet doen.
We gaan het zien. Een jongen die moeite heeft met begrijpend lezen en faalangst heeftβ¦.
Vanmorgen kwam zijn vriend hem ophalen voor school. Ik vroeg waar zijn fiets was. Zegt hij; als die niet hier staat is hij gestolen. Ik overstuur. Pffff, mam, die staat bij papa. Ow.
Daarna zei die vriend; ik ga denk ik niet naar school. Die ene les deze week ga ik skippen. Ik ook, zei Daan. Ik ging los. Beste heren; een les deze week. Jullie gaan!!! Beginnen ze te lachen. Haha, rustig. Natuurlijk gaan wij. Pffff. Stomme grap. Zelfs Daan zijn vrienden beginnen mij te kennen.
