Mijn collega’s van de winkel zonder kassa.

Wij zijn met z’n drieën. Een voorzitter, secretaris en penningmeester. Ik kan alledrie niet. Maar moest toch een functie kiezen. Dat werd penningmeester. Oh dear. Geen kaas van gegeten. Best wel drama. Bijles gehad. Zelfs toen werd het niks. Inmiddels hebben wij iemand die de boekhouding doet. Echt super! Zo blij mee. Dan kan ik lekker rondjes rijden om spullen op te halen. Dat is meer mijn ding. Morgen mag ik 700 pakken sap halen. Mijn lieve vader rijd mee. Zo fijn. Heel misschien halen wij dit niet eens in één keer in twee auto’s. Maar komt goed.

Aankomende zaterdag is de winkel weer open. Een van ons drie kon niet. Moet kunnen. Maar toevallig hadden wij die datum een nieuwe vrijwilliger en twee mensen die niet gewend waren om in de winkel zelf te zijn. Meer van het koffie schenken etc. Oh dear. Wat nu? Kreeg ik zojuist een bericht; ik heb mijn zoontje omgekocht. Ik kom toch. Yes! Alsof zij de spanning van haar twee collega’s aanvoelde.

Ik was van de week in de winkel. Er lag zoveel gekregen spullen. Super fijn. Maar oh dear, prijzen, inruimen. Ik zag het even niet zitten. Foto naar mijn collega’s gestuurd. Najaaa, een van de dames dacht hetzelfde en heeft alles geprijsd en ingeruimd. Geweldig.

Toen ik dus even in de winkel was afgelopen week werd ik gebeld door mijn collega. Een mevrouw had niks te eten. Of ik een tas kon vullen. Hoe bijzonder is dat? Ik was al twee weken niet in de winkel. Dan ben ik er en kan ik iets betekenen.

Ik zei zojuist tegen mijn super team; zo bijzonder hoe wij elkaar aanvoelen en aan vullen. Zo blij mee.

Plaats een reactie