Dit alles begon bij door mijn oma. Ik had een lievelings oma. Toen ik jong was ging ik bijna elke vrijdag bij haar op visite. Opa leefde toen ook nog. Als ik een keer niet was geweest en dus een week later kwam kreeg ik standaard te horen; leef je nog?
Later toen opa niet meer leefde ging iedereen in de familie die niet op vrijdag werkte op de koffie bij oma en ome Henk. De kinderen die nog niet naar school gingen ook. Zo leuk dat je daardoor de groei zag van de kleintjes die inmiddels allemaal groot zijn. In de zomer zaten we in de tuin. Soms werd daar na 12:00 een glas wijn gedronken. De broodjes met ei werden ook soms geserveerd. Altijd gezelligheid. En toen was oma er niet meer. Nog steeds bestaat de koffie date. Door corona werd het een groeps video gesprek. Prima.
Hoe kom ik nu bij vrijwilligers werk? Toen mijn oma overleed had ik tijd over. Ik ging toen naar Berinchem. Een bejaardentehuis. Die bestaan inmiddels helaas niet meer dankzij onze regering. Jammer. Zou veel eenzaamheid en krapte op de huizenmarkt oplossen. Maar ja, ik ging daar naar de balie en zei; is hier een eenzame ouder die geen familie heeft? Ik kreeg een mevrouw toegewezen. Het was altijd erg leuk om bij haar op visite te komen. Op een gegeven moment overleed zij. Daan werd toen geboren. Mijn extra tijd over was er niet meer. Inmiddels kunnen de kids zichzelf aardig redden. Ik gaf mij op bij het Toon Hermanshuis. Gisteren een cursus gehad. Officieel zijn dit drie vrijdagen voordat je je vrijwilliger mag noemen. Om buddy te zijn voor iemand met een vreselijke ziekte of om gastvrouw te zijn op de poli oncologie. Ik krijg natuurlijk nooooooooit vrij van werk op de vrijdag. Dus de eerste cursus dag heb ik al gemist. Gisteren de tweede meegemaakt. De volgende, over twee weken ga ik door werk ook missen. Maarrrr, ze hebben over mij vergaderd. Ik spreek mensen die kanker hebben die geopereerd gaan worden door mijn werk. Ikzelf heb kanker gehad. Mijn moeder heeft een naar stadium van kanker. Oftewel, ik ben een kenner. Ik ben hierbij geslaagd voor de cursus.
Eerst zou ik ingezet worden als buddy. Maar ze hebben een tekort aan gastvrouwen en mannen in de Gelderse Vallei. Prima. Zet mij daar maar in. Kan ik mijn ouders een kop koffie geven als mijn moeder daar weer eens naartoe moet.
